Als uw huisdier een operatie moet ondergaan, is dit altijd een spannende aangelegenheid. Wij als dierenartsen en assistentes in onze kliniek doen ons uiterste best om uw huisdier de zorg te geven die het verdient. Ook u kunt zelf een aantal maatregelen treffen om bij te dragen aan een optimaal operatieresultaat en een voorspoedig herstel.

Lichamelijke conditie
Indien mogelijk dient u als verzorger er voor te zorgen dat uw huisdier lichamelijk in goede conditie verkeert. Zo verdient het aanbeveling om voortdurend te streven naar een optimaal lichaamsgewicht. Te magere, verzwakte dieren of dieren met een (ernstig) overgewicht zijn minder geschikte operatiepatiënten. Bij voorkeur dienen de dieren vrij te zijn van parasieten, dus regelmatig ontwormd (minimaal 4 x per jaar) en tegen vlooien (en eventueel teken en andere huidparasieten) behandeld. Het is niet verstandig dergelijke behandelingen heel kort voor een operatie in te stellen.

Vacht en huid
Een goede borstelbeurt, zo nodig een trimbeurt of een wasbeurt zorgen voor een schone huid en vacht en verminderen de kans op verontreiniging en infecties. Indien wij parasieten aantreffen op uw huisdier, behouden wij ons het recht voor onmiddellijk uw huisdier daartegen te behandelen. Wij willen immers niet dat een patiënt andere opnamedieren zou kunnen besmetten.

Vasten voor de operatie
Honden en katten dienen minimaal 8, liefst 12 uur voor de operatie te vasten. Dat betekent geen voedsel, ook geen tussendoortje, kluif of snoepjes. Drinkwater mag ter beschikking blijven. Fretten dienen ook bij voorkeur ca 4 uur te vasten, konijnen en knaagdieren zoals cavia's 1-2 uur (dit gebeurt dus meestal in de opname, u hoeft dan niets extra's te doen dan voor de overdracht de voeding weg te halen).

De opname
Laat uw hond goed uit alvorens hem/haar over te dragen aan ons personeel. Een dier voelt zich beter met een niet overvulde blaas of einddarm, bovendien kunnen gevulde darmen en een volle blaas hinderlijk zijn bij buikoperaties. Katten, konijnen, knaagdieren, gevogelte en exotische dieren in een goede, liefst vertrouwde kooi brengen. Voor zover aanwezig dient u het dierenpaspoort van uw huisdier mee te brengen.

Wat verder van belang is
Laat een telefoonnummer achter waar u te bereiken bent. Als er bijzonderheden zijn opgemerkt zoals veranderingen in gedrag, ziekteverschijnselen als diarree, hoesten en dergelijke, meldt dit dan direct aan onze medewerkers. Gebruikelijk is dat vanuit de kliniek altijd naar de eigenaar wordt gebeld na een ingreep of onderzoek. Tenzij anders is afgesproken, kunt u uw hond of kat dezelfde dag weer ophalen tussen 15:00 en 16:00 uur, overige dieren tussen 12:30 en 13:30 uur.